Rethink the Future 2026 | Keynote Diederik Samsom
Tijdens beide edities van Rethink the Future 2026 schetste Diederik Samsom, voormalig politiek leider van de PvdA, ex-onderhandelaar van de Europese Green Deal en voorzitter van de Raad van Commissarissen van Gasunie, waar Europa staat in de groene transitie. Zijn boodschap was gericht aan industriële bedrijven, maar achter de cijfers en de trends zit ook een verhaal over wat dit betekent voor wie in die fabrieken werkt of werken wil.
Europa wil zijn spullen weer zelf maken
Veertig jaar lang waren Europeanen lid van wat Samsom gekscherend de "Happy Clappy Global Society" noemde. Spullen werden gemaakt waar dat het goedkoopst kon, en wij kochten ze. Aardgas, om maar iets te noemen, kwam voor veertig procent uit Rusland. Tot de inval in Oekraïne op 24 februari 2022. Toen drong door dat Europa afhankelijk was geworden van één leverancier voor zijn cruciaalste grondstof. "We waren gewaarschuwd, drie keer. Maar het gas was goedkoop."
Sindsdien is er beweging. Mario Draghi schreef voor Brussel een rapport met een conclusie en een medicijn: investeren. 800 miljard euro per jaar in eigen industrie, eigen maakindustrie, eigen energievoorziening, eigen grondstoffen. De Duitsers hebben hun Grondwet gewijzigd om er meer dan duizend miljard tegenaan te kunnen zetten, niet alleen in defensie, maar ook in eigen productie. En Nederland, zei Samsom eerlijk, loopt traditioneel iets achter de Duitsers aan en zal dat hier waarschijnlijk weer doen.
Voor de Nederlandse procesindustrie levert dat een wezenlijk andere context op dan de decennia daarvoor. Productie verschuift niet langer automatisch naar lagelonenlanden. Investeringen komen weer dichter bij huis. Fabrieken die hier staan, blijven hier staan en groeien mee.
Het vak verandert mee
De richting van die investeringen is grotendeels duidelijk. Elektrificatie waar het kan. Waterstof waar elektriciteit niet volstaat. Groene moleculen voor de delen van de industrie die nu nog op olie en aardgas draaien. Voor wie in de procesindustrie werkt, betekent dat dat het vak verandert. Een lijn die vandaag op aardgas verwarmt, draait over een paar jaar op iets anders. Een proces dat nu op chemische routes leunt, gebruikt straks misschien een elektrochemische variant.
Dat is geen revolutionaire omslag van de ene dag op de andere. Het is eerder een geleidelijke verschuiving, lijn voor lijn, fabriek voor fabriek. Maar het is wel een verschuiving die de komende tien tot vijftien jaar het werk in deze sector mede gaat bepalen.
Innovatie versnelt sneller dan voorspeld
Wat de transitie volgens Samsom anders maakt dan eerdere golven, is het tempo van de groene technologie. Zonnepanelen, windmolens en batterijen groeien in volume en dalen in kostprijs in een tempo dat nog nooit eerder is vertoond. Vorige maand legde China 600 vierkante kilometer aan zonnepanelen neer, in één maand tijd. Zon en wind verslaan inmiddels samen kolen als grootste energiebron wereldwijd. Batterijen zijn op dit moment de snelst groeiende technologie die de mensheid ooit heeft gezien.
En AI komt daar als versneller bovenop. Nieuwe batterijgeneraties worden niet meer in laboratoria bedacht, maar in computers ontworpen. Wat tien jaar onderzoek zou kosten, kost nu maanden. Voor de procesindustrie betekent dat dat de gereedschappen waarmee gewerkt wordt, sneller veranderen dan ooit. Dat geldt niet alleen voor de directiekamer, maar ook voor de vloer.
De belangrijkste boodschap tijdens de keynote bestond uit drie woorden: "Het kan wel." Hij richtte zich hiermee tot de bedrijven in de zaal, maar de woorden hebben ook betekenis voor wie in die bedrijven werkt. De transitie die de procesindustrie nu ingaat, is niet iets wat zich vanzelf voltrekt. Hij wordt gebouwd door de mensen die het verschil maken tussen een ambitie op papier en een fabriek die volgend jaar daadwerkelijk anders draait dan vandaag.